Volder en de nuances

Peter Coen (@angorawol)

Volder was een bijzonder mens. Hij was altijd alleen, maar hij vond dat niet erg. Er waren maar weinig mensen die volder echt kenden. Hij zat meestal op zijn kamer, rustig in boeken te lezen, ogenschijnlijk rustig.  De zwarte letters op het witte papier, meer had hij niet nodig. Heel af en toe noteerde hij iets, in een klein zwart boekje, met een zwart potlood. Een net en precies handschrift.

Soms keek hij op, zette de bril even wat verder op zijn neus, en keek naar buiten. Niet dat daar veel te zien was, Hij keek uit op een witgekalkte muur. Het is niet geweten of hij die ook daadwerkelijk zag.  Soms werd die heller, door de withete  zon die er  leek te willen doorbranden, meestal was hij gewoon grauw, door de neerkletsende regen. Het regende veel, waar Volder woonde. Hij vond dat niet erg. Soms trok hij zelfs zijn zwarte overjas aan, om door te regen te kunnen lopen. Omdat het hem kalmeerde, omdat hij het gevoel had dat nadien zijn hoofd weer helder was, dat alle opgeslagen flarden een beter plaatsje hadden gekregen.

Je zou de indruk kunnen krijgen dat het een beetje een zonderling was, maar niets is minder waard. Het was een vriendelijke man, maar erg bedachtzaam, die zo’n beetje tussen het leven scheen te lopen. Onthecht is het woord.

Ook op café, zag je hem enkel met koffie, en heel af en toe met een glas witte wijn. Eten deed hij altijd op hetzelfde uur, maar verder vond hij dat niet zo belangrijk, die indruk kreeg je toch. Soms was het gewoon zwarte worst met aardappelpuree, soms wat wit brood met zwarte koffie en een eitje. Wat witvis dat ging ook nog. Of rog in zwarte boter. Hij scheen alles te lusten, maar wilde er vooral niet teveel over nadenken, omdat het maar afleidde van die dansende zwarte lettertjes op dat witte blad, de eindeloze verhalen, de fantasie was daarbuiten.

Heel af en toe stond hij op van zijn werktafel en haalde hij koffie, altijd zwart, en altijd in een witte  oude en afgewassen mok, zo’n mok die ze in bejaardenhuizen ook aan de bewoners geven, die niet kan breken, wit geëmailleerd. Hij was ook erg netjes op zichzelf. Zijn witte overhemden waren altijd kraaknet, en netjes gesteven, dat vond hij belangrijk. Net zoals zijn zwarte schoenen altijd piekfijn blonken. Hij haalde grote voldoening uit het poetsen van zijn schoenen. Het zwart blonk als nieuw en weerspiegelde de lichtinval in zijn interieur.

Dat interieur was erg sober. Een tafel, een paar stoelen, wat eenvoudige pentekeningen aan de muur, niks bijzonder. Er vielen maar twee dingen op in zijn kamer. Er hing een enorme hertenkop, waar naar het schijnt zijn hele verhaal aan opgehangen kon worden. Niemand had dat verhaal ooit gehoord. Het was te pijnlijk, het ging over zijn moeder, en zijn vader, en een tijd die lang achter hem lag. Een tijd waarin hij onbekommerd door de bossen van zijn geboortestreek had kunnen wandelen. Want daar was het dier ook neergeschoten. Maar hij wilde er verder niets over kwijt.

En er stonden overal stapels boeken. En het vreemde daaraan was dat die boeken allemaal een witte, zelfgemaakte kaft hadden met handgeschreven titels op de rug. Volder hield niet van schreeuwerige, helle boekenruggen. Hij hield van duidelijkheid.

Volder zag geen nuances. Tussen zwart en wit zaten weinig nuances grijs, omdat dat de duidelijkheid niet ten goede kwam. Verder was Volder een gemakkelijk man.

Advertenties

Over guidooohh

Mensch, thirsty for life, interested in human interaction and curious about stupidity in general

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: